IoT Summit 2018: Voor het partnerkanaal is dit het moment op aan de slag te gaan met het IoT

Verslag van IoT Summit 2018

In technische zin staat niets een doorbraak van Internet of Things (IoT) in de weg. Netwerken zijn er klaar voor, soft- en hardware zijn beschikbaar. Toch staat nog niet iedereen te trappelen. Hoe kan Nederland profiteren van de nieuwe technologie? Tijdens de IoT Summit bespraken zes betrokkenen waar de kansen liggen.

 

Het statige Huis Oudegein in Nieuwegein vormde dit jaar opnieuw het decor voor de IoT Summit van ChannelConnect. De aanwezigen (zie kader) bespraken de kansen van IoT voor de BV Nederland. Dat vergt nog vaak uitleg, want lang niet iedereen ziet de mogelijkheden. “Maar als het kwartje eenmaal valt, is het enthousiasme groot”, merkt Jochem Koppes van IntElioT, de eerste Nederlandse reseller die zich specifiek richt op IoT-oplossingen.

Deelnemers aan de IoT Summit
Kenny Pool,  Advisory Digital Transformation Engineer Dell EMC Nederland
Jochem Koppes,  Director of sales IoT IntElioT
Marco Heida, Consultant Internet of Things Nederland
Maurice Janssen Duijghuijsen, Sales Directeur IoT en Data Drive Solutions KPN Internet of Things
Vanessa Claessen, Business Development manager M2MBlue
Jasper den Hartog, Commercieel directeur MCS

Awareness

Ook Maurice Janssen Duijghuijsen van KPN vindt dat er nog veel uitleg nodig is. “Er is behoefte aan meer voorbeeldprojecten die we kunnen gebruiken om awareness te creëren.” Marco Heida van IoT Nederland reageert: “Wat me opvalt is dat je vaak dezelfde voorbeelden tegenkomt van IoT-oplossingen, bijvoorbeeld de prullenbak met sensor of het slimme fietsslot. Ik mis nieuwe praktijkcases.”

Dat er wel degelijk nieuwe voorbeelden zijn, blijkt uit de beschrijving van een actueel project van KPN. “Buiten Nederland hebben we geen eigen netwerk”, vertelt Janssen Duijghuijsen, “maar wij hebben wel wereldwijd heel goede roamingafspraken. Daarbij roamen we altijd op het beste netwerk, ook wel ‘unsteered roaming’ genoemd. We kiezen dus niet voor steered roaming, ofwel het goedkoopste of eigen netwerk. Dit is een aantrekkelijke dienst voor internationale zakelijke klanten, waaronder Tesla. Een elektrische auto moet altijd een goede verbinding hebben. Dat kun je alleen bereiken door snel te schakelen van het ene naar het andere netwerk. Onze dienst weet precies waar welk netwerk de beste verbinding heeft.”

‘Wat me opvalt is dat je vaak dezelfde voorbeelden tegenkomt van IoT-oplossingen. Ik mis nieuwe praktijkcases’

Bouwblokken

Dezelfde dienst wordt gebruikt door M2MBlue, een leverancier van machineto-machinecommunicatie. “We leveren onder meer connectiviteit aan riviercruises”, legt Vanessa Claessen uit. “Op zo’n schip willen mensen Netflix kijken alsof ze thuis zijn. Dat kan alleen door continu het beste netwerk te gebruiken.” M2MBlue levert de benodigde apparatuur met daarin simkaarten van KPN. Dezelfde oplossing wordt geleverd aan omroepen. “De broadcastindustrie is een belangrijke afnemer. Alles wat we tijdens de afgelopen Olympische Spelen aan streaming televisie bij de NOS hebben gezien, is verzorgd door M2MBlue.

Om IoT in Nederland van de grond te tillen heeft KPN afgelopen jaar veel geïnvesteerd. “Ons doel is om te helpen de markt te versnellen. Dat gaat niet vanzelf”, zegt Janssen Duijghuijsen. “Daarom willen we ook samenwerken met het partnerkanaal om IoT-oplossingen aan te bieden. We leveren daarvoor bouwblokken. Zelf heb ik jarenlang gewerkt voor een system integrator. In die rol is er niets zo fijn als bouwblokken te krijgen waar je zelf waarde aan kunt toevoegen. Op dit moment benutten we het partnerkanaal nog beperkt, maar dat gaat veranderen.”


Omzetten stijgen

Veel bedrijven kijken nog de kat uit de boom, maar de belangstelling voor IoT neemt wel toe. “We krijgen bijna dagelijks klanten die slimme dingen willen doen met hun data. Dan willen ze weten hoe ze data centraal kunnen opslaan. Het maakt ze niet uit of daarbij gebruik wordt gemaakt van LoRa, NB-IoT of nog een andere technologie. Ze zoeken gewoon een oplossing. Dat is een snelgroeiende groep”, zegt Jasper den Hartog van MCS. “De omzetten stijgen”, bevestigt Kenny Pool van Dell EMC, “onder meer in de sectoren gezondheidszorg, industrie en logistiek.” Kenmerkend van bijna ieder IoT-project is samenwerking tussen bedrijven. “Zo werken wij aan IoT-projecten met onder meer Honeywell en Nokia”, vertelt Pool.

“Vaak is het zo dat leverancier A voor de hardware zorgt, leverancier B voor de connectiviteit en leverancier C voor de software”, reageert Koppes, die erop wijst dat het managen van projecten lastig is als er zoveel partijen bij betrokken zijn. “Er zouden meer clubs moeten opstaan die het hoofdaannemerschap op zich willen nemen voor de gehele keten. Dat gebeurt nog maar sporadisch. Wij willen daar zelf een rol in spelen, onder meer door het ontwikkelen van IoT-concepten voor specifieke verticals.”

“We investeren in de IoT Academy, waar partners aan deel kunnen nemen. Afgelopen twee jaar hebben we geïnvesteerd in meer dan honderd proofs of concept (PoC’s). Als je de markt maakt, betaal je ook leergeld. Maar dat betaalt zich nu uit. Dankzij alle PoC’s hebben we veel ervaring en weten we welke hardware wel en niet goed is. We worden wel terughoudender met PoC’s. Alleen als er een serieuze kans is op uitrol doen we eraan mee. De bal ligt wat ons betreft bij de markt. Enerzijds bij channelpartners (IT en telecom), maar ook bij solution partners. Als dit soort partijen opstaan en zich richten op IoT kan het hard gaan.”

Ook Dell EMC heeft afgelopen jaren veel tijd en geld gestoken in het ontwikkelen van voorbeeldprojecten. “We hebben diverse werkende use cases, bijvoorbeeld voor wegonderhoud en rioolmanagement. In Zuid-Holland is Smart Manufacturing Industriële Toepassingen ZH (SMITZH) actief, daar zijn we nu oplossingen voor aan het bouwen”, zegt Pool. “Ook zijn er heel interessante ontwikkelingen bij waterschappen waar drones dijken inspecteren.

Vendor lock-in

De groei van IoT wordt mede aan- gejaagd door de komst van netwerken die speciaal geschikt zijn voor IoT-toepassingen. Denk aan Sigfox, NB-IoT en LoRa. “Dat we in Nederland een volledig dekkend LoRa-netwerk hebben, is uniek te noemen”, zegt Den Hartog. “We kunnen daar veel cases mee doen. Niet alle trouwens, want bij smart buildings kiezen we vaak juist voor private netwerken. Onlangs deden we dat ook bij Schiphol. In de bagagekelder was een private netwerk een betere keuze omdat het LoRa-bereik onder de grond een probleem was.”

‘Er zouden meer clubs moeten opstaan die het hoofdaannemerschap op zich willen nemen voor de gehele keten’

Hoe wordt de keuze voor een IoT-netwerk gemaakt? “Het hangt sterk samen met welke aanbieder je in zee gaat. KPN en Sigfox zijn vrij open, maar Vodafone ontwikkelt eigen hardware die alleen op het eigen NB-IoT-netwerk werkt. Dat zorgt voor twijfel bij bedrijven die bang zijn voor een vendor lock-in. Toch is de keuze voor het netwerk voor veel ondernemers irrelevant. Zij willen data verzamelen. Een boer wil weten of zijn koeien buiten lopen. Of die data via NB-IoT, LoRa of Sigfox binnenkomt maakt hem niet uit.”

Introductie 5G

Binnenkort komt er met 5G nieuwe mobiele technologie die bij uitstek geschikt is voor IoT-toepassingen. De verwachtingen hiervan zijn hooggespannen. “Het zal een enorme driver zijn door de lage latency. Daardoor kun je drones met elkaar laten praten”, geeft Janssen Duijghuijsen als voorbeeld. “Ook autonoom rijden wordt mogelijk. Omdat data echt in een milliseconde beschikbaar is, gaat 5G daar enorm bij helpen. Onlangs was ik bij een grote Nederlandse sportbond. Ook zij willen met data veel slimmere dingen doen. Voor hen is het belangrijk realtime in de game te kunnen kijken, dus niet alleen terug te kijken wat er is gebeurd. Dat kan met 5G en wordt heel gaaf.”

Den Hartog zit ook duidelijk te wachten op de nieuwe technologie. “Wat 5G essentieel anders maakt is dat je het netwerk veel beter kunt segmenteren. Je kunt hetzelfde netwerk gebruiken voor compleet verschillende toepassingen. Naast toepassingen die weinig data verbruiken bijvoorbeeld real time berichten van slechts enkele bytes, kun je tegelijk ook 4K-video verzenden, zonder dat je last hebt van elkaar. Dat kan met 4G niet.”

Keuzestress

Naast de diverse netwerktechnologieën valt laatste jaren ook de toename van IoT-platformen op. Bijna ieder zichzelf respecterend technologiebedrijf lijkt wel met een IoT-platform te komen. Volgens de aanwezigen leidt dat nauwelijks tot keuzestress bij bedrijven. Het wordt pas lastig als de data van verschillende platformen samengebracht moeten worden, bijvoorbeeld bij smart-buildingtoepassingen. “Een beetje gebouwenbeheerder heeft tien of twintig apps op zijn telefoon om een gebouw te beheren”, weet Heida. “Het wachten is op een integrator die alles in een enkele app zet.”

Toch hoeven dit soort ongemakken een verdere doorbraak van IoT niet in de weg staan, verwachten de deelnemers aan het rondetafelgesprek. “Ik vergelijk het vaak met de cloud”, reageert Claessen. “Na een lange aanloop, wordt dat sinds een jaar of vijf massaal omarmt. Bij IoT zal er ook zo’n aanloopperiode zijn waarin er nog veel onduidelijk is. Maar de awareness komt wel, zeker als er een mooi verdienmodel is voor zowel de reseller als eindklant. Als bedrijven zich dat realiseren, komt het gebruik van IoT vanzelf. Helaas kan sales niet zoveel tijd stoppen in het onderwijzen van bedrijven over de mogelijkheden, waardoor er kansen blijven liggen.”

Geen barrières

Als het gaat over IoT, dan is het onderwerp beveiliging en privacy nooit ver weg. Data moet veilig worden opgeslagen en sensoren mogen niet gehackt worden. Hoe staan de deelnemers van het rondetafelgesprek tegenover dat onderwerp? Heida: “Een gesprek over IoT moet gaan over welke toegevoegde waarde de technologie biedt. Het is belangrijk om geen angst of barrières te creëren. Daarom zeg ik bij een eerste gesprek altijd: ‘We gaan het niet over techniek en niet over beveiliging hebben.’ Maar in een later stadium is het natuurlijk wel een onderwerp, want het is een relevant punt. Gelukkig kun je prima informatie anonimiseren waardoor de privacy is gewaarborgd.”

Gespreksleider Dirk Jan van Ittersum

Bij projecten waar MCS aan werkt is beveiliging standaard een onderwerp. Den Hartog: “De vraag is: hoe groot is het risico? Is het daadwerkelijk een belemmering voor een project of kunnen we gewoon doorpraten? Als het gevaar reëel is, moet je een oplossing vinden. Er dreigt soms een project af te ketsen op dit onderwerp, maar uiteindelijk vinden we altijd wel een oplossing. Het kan wel de kosten verhogen als het echt belangrijk is.”

“In de gezondheidszorg ligt het onderwerp onderwerp zeer gevoelig”, vult Pool aan. “Als dataleverancier zijn we op vele manier verantwoordelijk, soms zelfs aansprakelijk voor wat er met de data gebeurt. We leveren zelfs systemen waarin ieder stapje van wat er met de data is gedaan, auditeerbaar is. Governance, risk en compliance vormt automatisch onderdeel van het gesprek.” Den Hartog reageert: “Ook de recente discussie rond GDPR heeft veel bijgedragen aan bewustwording over dit onderwerp en dat is alleen maar winst.”

Minister van digitale infrastructuur

Tijdens het rondetafelgesprek is er een duidelijke consensus: de voordelen van IoT wegen ruimschoots op tegen eventuele nadelen. Janssen Duijghuijsen geeft als voorbeeld Sensara, een IoT-systeem waarmee mantelzorgers een oogje in het zeil kunnen houden bij ouderen. “Een paar eenvoudige sensoren in het huis meten of de koelkast af en toe opengaat, of het toilet wordt doorgespoeld en of de voordeur wel eens opengaat. Als dat niet gebeurt, krijgt de mantelzorger een seintje op zijn telefoon. Een systeem dat de voordelen van IoT laat zien, maar ook aantoont dat zoiets niet heel invasief hoeft te zijn. Er hangen bijvoorbeeld geen camera’s. Wat me dan weer verbaast is dat het project niet massaal wordt uitgerold.”

Het gesprek komt daarmee als vanzelf op de politiek, want de aanwezigen vinden dat IoT vanuit die hoek best wat meer ondersteuning mag krijgen. “Je zou een minister moeten hebben die verantwoordelijk is voor digitale infrastructuur, net zoals we een minister hebben voor verkeer en waterstaat”, zegt Janssen Duijghuijsen. “Met AMS-IX is Nederland een belangrijk knooppunt. We willen toonaangevend zijn in de wereld, dus dan moet je daar ook in investeren. We zijn een klein land, maar met slimme IoT-oplossingen kunnen we de hele wereld bereiken.”

Sterke lobby

Volgens Pool ontbreekt het aan een overkoepelend beleid. “In Zuid-Holland zijn er vijftien verschillende fieldlabs”, geeft hij als voorbeeld. “De ene doet robotics, de andere duurzaamheid, het zijn allemaal losse projecten. Er is geen centrale regie, terwijl er wel 100 miljoen euro per jaar aan wordt uitgegeven.”

‘De keuze voor het netwerk is voor veel ondernemers irrelevant. Zij willen data verzamelen’

Om aan te tonen dat politiek Den Haag te weinig oog heeft voor digitale ontwikkelingen refereert Janssen Duijghuijsen aan het uitstellen van de 5G-veiling. “Dat zijn signalen dat we een minister van digitale infrastructuur missen. Die had dat niet laten gebeuren.” Volgens den Hartog heeft de Nederlandse ICT-sector een sterkere lobby in Den Haag nodig. “We kunnen een voorbeeld nemen aan de landbouw die dat wel voor elkaar heeft. We moeten meer aanwezig zijn, met de vuist op tafel slaan en zeggen: ‘5G moet er volgend jaar gewoon zijn!’.”

Hoge verwachtingen

Als we kijken naar de toekomst, dan zijn er diverse sectoren waar de gesprekspartners hoge verwachtingen van hebben. “We werken veel in de automotive-industrie”, vertelt Pool. “Daar gebeuren interessante dingen met connected cars. Het zijn nog geen zelfrijdende auto’s, maar ze ontlenen wel data aan de auto. Daar wordt veel in geïnvesteerd. Eenzelfde ontwikkeling zie je bij schepen. Er wordt gewerkt aan geautomatiseerd varen. Een voorbeeld is het pilotproject Trekschuit Zuid-Holland. Dit is een stille boot die de last mile moet overbruggen, dus een schip dat pakjes via een vaarroute in Delft of Haarlem geautomatiseerd kan afleveren. Doel hiervan is het verminderen van verkeer op de weg.”

Ook Janssen Duijghuijsen ziet nog veel kansen voor de logistieke sector. “Nederland is daar groot in. Daarbij is de interoperabiliteit tussen verschillende netwerken nog wel een uitdaging. Een IoT-oplossing moet over de grens blijven werken. Verder zijn de verwachtingen van de verzekeringsbranche hooggespannen, net als van de landbouw. We zijn met zeven miljard mensen op deze planeet en dat aantal neemt nog steeds toe. Precisielandbouw wordt steeds belangrijker om iedereen te kunnen voeden. Je moet dus op de vierkante centimeter weten hoeveel vocht en mest een gewas nodig heeft. De Wageningen Universiteit heeft verschillende projecten op dat gebied. Dit is bij uitstek een domein waarin Nederland op dit moment al een leidende rol heeft en nog meer kan krijgen.”

[Dit artikel is eerder gepubliceerd in ChannelConnect IoT Dossier 2018]

Lees het artikel hier in PDF