Grapperhaus: ‘fabrikanten kunnen aansprakelijk zijn voor schade door IoT-apparaten’

Als Internet of Things-apparaten niet voldoende beveiligd zijn, kunnen fabrikanten aansprakelijk worden gesteld voor de schade. Dat schrijft minister Grapperhaus van Jusititie en Veiligheid in antwoord op Kamervragen van CDA en D66.

Aanleiding waren berichten over Amerikaanse internetexperts die pleitten voor overheidsingrijpen om IoT-beveiliging op te schroeven. Grapperhaus schrijft berichten over de onveiligheid van IoT-apparaten te herkennen uit de praktijk. Zowel het kabinet als de Europese Commissie willen het probleem aanpakken, aldus de minister. Hiertoe wordt gewerkt aan een ‘roadmap veilige hard- en software’.

Grapperhaus wijst op de 95 miljoen euro die in het regeerakkoord beschikbaar is gesteld om cybersecurity te verbeteren. “Een deel van dit geld zal worden ingezet voor bredere voorlichtingscampagnes over dit onderwerp.”

De minister gaat ook in op de aansprakelijkheid van fabrikanten als zij onveilige IoT-apparaten op de markt brengen. “De producent van een IoT-apparaat kan aansprakelijk zijn voor schade die wordt veroorzaakt doordat het apparaat onveilig is, bijvoorbeeld doordat het vatbaar blijkt voor gebruik in een botnet. Degene die schade lijdt, dient in dit geval aan te tonen dat er een verband is tussen de onveiligheid van het IoT-apparaat en zijn schade.”

Of een producent voldaan heeft aan de zorgplicht hangt van een aantal factoren af, staat in de brief. “Bezien moet worden wat van producenten van IoT-apparaten kan worden verwacht. Hoe bezwaarlijk is het voor een producent om voorzorgsmaatregelen te nemen? Wat is de aard en de omvang van de te verwachten schade bij gebruik van het product? Hoe waarschijnlijk is het dat die schade zich voordoet?”

In een Europese richtlijn uit 2017 over productaansprakelijkheid zijn IoT-apparaten expliciet genoemd. Die richtlijn wordt geëvalueerd. “De Europese Commissie verwacht de uitkomsten van de evaluatie in april 2018 vast te stellen. Dit is bij uitstek een grensoverschrijdend onderwerp. Het kabinet zal de uitkomsten aangrijpen om in EU-verband te beoordelen of het wenselijk is dat de regeling van productaansprakelijkheid wordt aangepast met het oog op nieuwe technologieën, zoals IoT-apparaten.”