Achtergrond: Wie pakt de Brexitpot?

Datacenterhubs vergeleken
Laten we meteen eerlijk zijn: van een Brexodus is geen sprake. De Britse interne markt is groot genoeg om aanwezigheid te rechtvaardigen. Wel is Brexit een belangrijke reden voor klanten die EU-wijd actief zijn om voor de keuze voor een extra locatie nadrukkelijk buiten het Verenigd Koninkrijk te kijken. De noodzaak om bepaalde gegevens binnen EU-grenzen te houden, is daarbij een belangrijk motief. Het is wellicht mogelijk dat de EU en Groot-Brittannië goede afspraken maken, maar als het gaat om compliance, zijn klanten liever voorzichtig dan nat.

Geen wonder dus dat de andere grote datacentermarkten een charmeoffensief hebben ingezet. ‘Kom naar ons’, is de boodschap. Hoe dichterbij de Brexit komt, hoe directer en agressiever deze boodschap wordt verspreid. Het Datacenter & Cloud Dossier zet de belangrijkste ‘kanshebbers’ op een rijtje.

Frankfurt

Meestal gezien als de grootste concurrent van Amsterdam, en Frankfurt heeft ook veel dingen waarmee ze goede sier kunnen maken. Naast dat het een belangrijk internetknooppunt heeft, ligt de stad in het financiële hart van continentaal Europa. Londen heeft eenzelfde rol, dus je kan verwachten dat veel klanten Frankfurt instinctief zien als een logische uitwijklocatie. Het CFA Institute, een internationale beroepsvereniging voor investeringsmanagers, heeft recent een onderzoek onder zijn leden gehouden met de vraag welke stedelijke regio het meest gaat profiteren van Brexit. Frankfurt zal er volgens maar liefst 85 procent van de respondenten op vooruit gaan, waarmee de Hessische hoofdstad de lijst duidelijk aanvoert.

Het is lastig bijbouwen in Frankfurt

Maar de grootste kracht van Frankfurt kan gelijk ook zijn zwakte zijn. Niet alleen financiële instellingen zijn op zoek naar EU-aanwezigheid. Door de focus op de financiële dienstverlening is het Frankfurter marketingapparaat minder effectief in het overtuigen van andere bedrijven. Daarnaast is de Duitse interne markt weliswaar groot, maar qua datacenters is het akelig gecentreerd. Het is heel moeilijk om nieuwe faciliteiten in Frankfurt te bouwen omdat het net domweg vol zit. Veel voller dan, pak ‘m beet, Amsterdam.

Parijs

Frankrijk is natuurlijk die andere grote interne EU-markt, en Parijs is een groot internetknooppunt. Daarbij komt dat het Franse zakenleven en Franse politiek nog veel opportunistischer op Brexit zijn gesprongen dan de rest. Het is waar dat datacentersbouwers laat zijn begonnen met het ontwikkelen van de Franse markt, maar na de economische malaise van tien jaar geleden begint de Franse economie aan een inhaalslag. Dat is ook wel duidelijk als het gaat om de capaciteit en connectiviteit. De netwerken zijn reeds van hoog niveau, en voor het einde van het jaar wordt verwacht dat de capaciteit verdubbelt. Maar misschien wel de grootste kracht die Frankrijk kan bieden is zijn ligging en decentralisatie. Parijs is de grootste hub, maar Marseille is ook zeker niet slecht. Het land kan fungeren als schakelpunt met Duitsland en de Benelux, maar ook met Spanje en Italië, ook geen misselijke markten. Wie verder kijkt, ziet een goede ligging voor zowel transatlantische connectiviteit als verbindingen met Noord-Afrika.

Toch heeft de Franse datacentermarkt zijn uitdagingen. De binnenlandse zakencultuur, door buitenlanders ervaren als star en moeilijk, is niet zomaar veranderd. En zelfs als het een vooroordeel betreft, zijn ze de reputatie niet zomaar kwijt. Dit is een groot blok aan het been, die mede is veroorzaakt door de focus op de binnenlandse markt en waardoor Parijs op achterstand staat. De meeste topmanagers spreken goed Engels, maar daaronder wordt het op dat punt toch minder. En dan heb je de vakbondscultuur. Zoals een Nederlandse manager tijdens Datacloud opmerkte: “Zijn er ook maanden dat ze niet staken?

Scandinavië

Een outsider op deze lijst is Scandinavië. Maar zeker het laatste jaar zijn datacenterleveranciers uit Zweden, Finland en zelfs niet-EU-land Noorwegen zeer actief om klanten te trekken. Anders dan de concurrentie hebben ze geen knooppunten en zijn ze afhankelijk van de verbindingen met Duitsland. Maar wat de Scandinaviërs wel hebben is stroom. Hele goedkope, groene stroom. Sinds de afgelopen paar jaar focussen de Zweedse, Finse en Noorse regeringen sterk op de digitale sector, en een belangrijke maatregel is een zeer lage belasting op groene stroom voor datacenters. Zo heeft Zweden de belasting per kWh verlaagt van omgerekend 0,017 euro naar 0,00051 euro voor datacenters met een capaciteit boven de 0,5MW. Tel daarbij op dat ze door het klimaat amper hoeven te koelen. Zelfs in de zomer kan de buitenlucht worden gebruikt. Zeer interessant voor prijsbewuste klanten, zoals cryptominers en hyperscalers.

Zweden heeft de belasting per kWh verlaagt van omgerekend 0,017 euro naar 0,00051 euro

Maar in Zweden of Finland is de bevolkingsdichtheid laag, dus is het nog moeilijker dan elders om aan personeel te komen die ook in de middle of nowhere willen wonen. De afstanden zijn groot, en veel klanten willen nog steeds dicht bij een knooppunt zitten. Derhalve nog veel werk aan de winkel.

Ierland

Op veel fronten lijkt Ierland toch wel dé uitvalsbasis. Het staat cultureel dichtbij, keurige ligging én het stapt niet uit de Europese Unie. Het is al een populaire bestemming voor de hyperscalers, mede door de lage belastingen. Begin dit jaar heeft Amazon bijvoorbeeld weer een investering van 1 miljard euro gedaan. Geen Europees land heeft meer én kortere fiberverbindingen met de Verenigde Staten. Op dit moment heeft Ierland een totale capaciteit van 420MW, en de verwachting is dat ze de gigawatt halen in 2024.

Maar de Ierse datacentermarkt is toch anders is dan de Londense en Amsterdamse. Ierland heeft zich altijd gericht op de hyperscalers en cloudproviders, en is op dat front groter dan Parijs. Maar Londen is, net als Amsterdam, veel meer een colocatiemarkt.

Hevige concurrentie

Wie met Nederlandse datacenterleveranciers spreekt, kan de indruk krijgen dat we hier wellicht ietwat overmoedig zijn. Andere hubs hebben wel degelijk sterke punten waar Amsterdam niet per se een direct antwoord op heeft. De positie van Amsterdam blijft sterk, en de markt zal zeker in overweging worden genomen door Brexit-vrezende dataverwerkers. Maar ze moeten dan wel overtuigd worden.

[Dit artikel is eerder gepubliceerd in het Datacenter & Cloud Dossier 2018 van ChannelConnect]

Lees het artikel hier in PDF