Eric Boonstra geeft toelichting op overname Evoswitch door Iron Mountain

Op 30 mei werd bekend dat Iron Mountain een van de iconen van de Nederlandse datacentersector, EvoSwitch Nederland, overneemt. Eric Boonstra, CEO van EvoSwitch, heeft de redactie van het Datacenter & Cloud Dossier in een tweetal gesprekken een uitgebreide toelichting gegeven op deze gebeurtenis.

Eric Boonstra geeft aan dat EvoSwitch ruim een jaar geleden is gestart met een proces dat uiteindelijk heeft geleid tot de koop van EvoSwitch Nederland door Iron Mountain. “We zagen al geruime tijd aan de ene kant consolidatie op de Nederlandse en internationale datacentermarkt en aan de andere kant de ontwikkeling dat bedrijven vaker van datacenters in meerdere landen gebruikmaken. Voor beide trends sluiten wij de ogen niet. We zijn verschillende scenario’s gaan bekijken met als doel de toekomst van EvoSwitch op de middellange en lange termijn te bepalen.”

Daarbij passeerden verschillende mogelijkheden de revue, van samenwerking tot overname. Uit de woorden van Boonstra is op te maken dat er veel internationale belangstelling was, wat niet zo vreemd is want EvoSwitch is een goed draaiende, winstgevende organisatie die voldoende stroom en uitbreidingsruimte heeft en daarnaast een ervaren team.

Ervaren partij

Dat voor de overname door Iron Mountain is gekozen, heeft het nodige met het laatste te maken. Iron Mountain was namelijk op zoek naar een ervaren partij met een goed team. Vanwege de schaarste op de (internationale) arbeidsmarkt voor datacenterpersoneel wilde het onder geen beding een lege huls kopen, maar een bedrijf dat gewoon door kan gaan en daarnaast een belangrijke bijdrage kan leveren aan de verdere internationale ambities. Al die punten zijn koren op de molen van EvoSwitch geweest, vertelt Boonstra. De match tussen de partijen was daarmee optimaal, met de overname als resultaat.

FLAP

Gevraagd naar de vervolgstappen licht Boonstra een tipje van de sluier op door FLAP ter sprake te brengen. Die afkorting staat voor de vier belangrijkste datacenterlocaties in Europa: Frankfurt, Londen, Amsterdam en Parijs. Iron Mountain heeft vorig jaar de datacenters van Credit Suisse in onder andere Londen overgenomen. Die worden op dit moment verbouwd van dedicated datacenter naar ruimtes waar ook colo kan worden gefaciliteerd. Amsterdam is via EvoSwitch nu ingevuld. Frankfurt en Parijs staan daarmee nu hoog op de agenda van Iron Mountain. Boonstra zal daar, samen met het Nederlandse directieteam van EvoSwitch, nauw bij betrokken zijn omdat hij in de nieuwe setting de West-Europese tak gaat leiden.

De aandacht voor Frankfurt en Parijs zal niet ten koste gaan van de Nederlandse locatie en klanten, zo verzekert Boonstra. “Alles behalve dat. De uitbreiding van onze AMS1-campus gaat snel van start en met de AMS2-locatie in Amsterdam wordt eerdaags ook begonnen. Voor de Nederlandse klanten zal er amper iets veranderen, behalve dan dat op de facturen een ander logo en bedrijfsnaam komt te staan. De contacten blijven hetzelfde, de werkwijze ook en duurzaamheid blijft hoog in ons vaandel staan. Ook op dat punt is de match met Iron Mountain optimaal; zij zien daar echt het belang van in en zijn er zelf ook veel mee bezig.”

‘De uitbreiding van onze AMS1campus gaat snel van start en met de AMS2-locatie in Amsterdam wordt eerdaags ook begonnen’

Tenslotte is Boonstra gevraagd of hij al reacties van klanten heeft gehad. “Ja, uiteraard. Maar ik had niet verwacht dat er direct zoveel belangstelling zou zijn voor de internationale footprint die we nu hebben en verder gaan uitbreiden. De markt heeft duidelijk behoefte aan de kwaliteit en betrokkenheid waar EvoSwitch altijd voor heeft gestaan en dat gecombineerd met de mondiale footprint die Iron Mountain nu mogelijk maakt.”

Waarom Iron Mountain

Enkele weken na het interview deed zich de mogelijkheid voor Boonstra nog een paar aanvullende vragen te stellen. De eerste ging over de keuze van Iron Mountain. Wat waren de doorslaggevende punten voor de overname? Boonstra: “De belangrijkste zijn al ter sprake gekomen: dat zijn een goed lopend bedrijf, de uitbreidingsmogelijkheden op de huidige campus en het sterke team in een van de FLAP-steden. Partijen die daar op alle punten scoren zijn er amper in Nederland en elders in Europa.” Een belangrijk punt was de mogelijkheid tot uitbreiden. Direct naast de AMS1-campus gelegen is veel grond in bezit dat snel kan worden bebouwd en er is 30MW aan stroomcapaciteit voorhanden. “Ook die combinatie is redelijk uniek”.

Meer naar digitaal

Boonstra heeft ook nog uitgelegd wat de verhouding tussen de verschillende Iron Mountain-onderdelen is. De organisatie is in Nederland al vele jaren actief met het aanbieden van archiefoplossingen. “Die tak en de datacenters blijven gescheiden. De meer traditio- nele business genereert nog erg veel omzet, maar de verwachting is wel dat de klanten meer naar digitaal opschuiven. Ook daarom heeft Iron Mountain nu de zinnen op meer datacenters door de hele wereld gezet. Zo kunnen bestaande en nieuwe klanten bij de transitie worden ondersteund. Target is top 5-speler in datacenters in de wereld te zijn in 2020.”

‘Als je weet dat Iron Mountain 95 procent van de Fortune 1000-bedrijven als klant heeft, weet je ook dat het een doelgroep is die voor de datacentertak bijzonder interessant is’

De bedrijfsonderdelen blijven weliswaar gescheiden aangestuurd – op zowel nationaal als internationaal niveau – samenwerking is onvermijdelijk en uiteraard ook zeer gewenst. “Als je weet dat Iron Mountain 95 procent van de Fortune 1000-bedrijven als klant heeft, weet je ook dat het een doelgroep is die voor de datacentertak bijzonder interessant is.” Cross-selling staat dus zeker op de agenda bij beiden bedrijfsonderdelen. “En wat dat betreft kunnen we al de eerste successen melden. De overname is net een maand bekend en we hebben al de eerste klant van Iron Mountain archiveringsdiensten als datacenterklant kunnen optekenen.”

Het is in de woorden van Boonstra een mooi voorbeeld van laaghangend fruit en de Nederlandse handelsspirit. “Met cross-selling zullen we zeker nog heel mooie klanten in de Europese datacenters van Iron Mountain krijgen, dat is niet het enige waar we ons op richten. We blijven ook nieuwe klanten die in deze datacenters van topkwaliteit willen staan, verwelkomen.”

[Dit artikel is eerder gepubliceerd in het Datacenter & Cloud Dossier 2018 van ChannelConnect]

Lees het artikel hier in PDF