Server verhuizen? Hier moet je aan denken!

Het aantal datacenters groeit nog altijd rap. En dus zijn er dagelijks mensen in de weer met het plaatsen van servers. Je zou denken, ‘erin schroeven en klaar’, maar zo makkelijk is het niet.

Door Dirkjan van Ittersum

Door de toename van het aantal datacenters, is er een flinke concurrentieslag gaande. Veel bedrijven gaan van het ene naar het andere datacenter omdat ze een betere deal kunnen krijgen. Dan gaat het niet alleen om de prijs, maar ook om de geleverde faciliteiten.

Niet op kantoor

Een nieuw datacenter heeft bijvoorbeeld betere noodstroomvoorziening, toegangscontrole, connectiviteit, stroom- en klimaatvoorzieningen. Daarnaast staan groene datacenters in de belangstelling. Het gaat trouwens niet alleen om bedrijven die hun servers van het ene naar het andere datacenter verhuizen. Het komt ook nog altijd voor dat bedrijven besluiten de servers niet langer op kantoor te willen hebben en ze naar een datacenter verplaatsen.

Op het eerste gezicht lijkt het plaatsen van een server in een datacenter eenvoudig. Je zoekt het juiste rack op en schroeft het apparaat erin. Kind kan de was doen. Of toch niet? Er zijn wel degelijk haken en ogen. Het gaat om gevoelige apparatuur, waar voorzichtig mee omgegaan moet worden. Niet voor niets zijn er gespecialiseerde bedrijven die ICT-apparatuur vervoeren en plaatsen. Logistiek dienstverlener Lupprians is een voorbeeld. Dit bedrijf vervoert servers in vrachtwagen met klimaatbeheersing waardoor condens geen kans heeft. Ze gebruiken daarvoor gespecialiseerd verpakkingsmateriaal om beschadigingen te voorkomen.

Tweemaal stroom

Aangekomen in het datacenter is het maar de vraag of de apparatuur die je hebt meegenomen past. Weliswaar zijn de racks van een standaardformaat, maar veel kantoren hebben een server in gewoon desktopformaat staan. Onder meer Dell, Lenovo en HP leveren servers in een desktopmodel. En dat is een heel ander formaat dan de standaard 19-inch rackruimtes in datacenters. Bedenk hierbij dat u meer 19-inch servers kwijt kunt in een serverrack dan desktopmodellen.

Een voordeel van datacenters is de mogelijkheid om tweemaal stroom aan te sluiten (de A- en B-feed). Als de ene voorziening uitvalt, draait de boel toch door dankzij de tweede stroomvoorziening. Vooral wie zijn kantoorserver naar een datacenter verhuist, moet even opletten. Deze redundantie kom je op kantoren weinig tegen. Voor volledige redundantie moet de serverapparatuur namelijk wel twee stroomaansluitingen hebben en dat geldt voor lang niet iedere (kantoor-) server.

Switch mee

Ook de internetverbinding kan redundant uitgevoerd worden, waarbij een datacenter vaak meerdere snelheden aanbiedt. Hou er rekening mee dat u zelf wel een switch moet meenemen als u een redundante internetverbinding wilt aansluiten. Let daarbij op de geboden snelheid, bijvoorbeeld 100 megabit of 1 megabit.

Tot slot is het goed te bedenken dat veel datacenters een maximum stellen aan het stroomverbruik. Een server (of meerdere servers) mag dus niet teveel stroom verbruiken. Even rekenen dus, voordat u de met de server onder de arm naar het datacenter stapt.


Overstappen?

Wanneer een bedrijf naar een ander datacenter verhuist, valt dat vaak samen met de overstap naar een andere ICT-leverancier. Hierbij is het belangrijk dat de leverancier waar afscheid van wordt genomen goed meewerkt. “Gelukkig zie je dat de leverancier waar afscheid van wordt genomen er steeds vaker op is gebrand zo’n transitie goed te laten verlopen”, zegt Bart de Ruijter van Metri Group. “Dat wordt zelfs vastgelegd in de contracten. Niet voor niets, want het is een belangrijk punt waar bedrijven een leverancier tegenwoordig op selecteren. Ze informeren zelfs bij andere bedrijven of een leverancier daadwerkelijk goed heeft geholpen bij een vertrek.”


 

Dirkjan van Ittersum is freelance journalist.